|
Met dit project beoogt de SLKF de versterking van de inbreng van familieraden en familie als ervaringsdeskundigen in de GGZ instelling.
Beoogde resultaten van het project:
· De familie wordt ervaren als bondgenoot van cliënt en zorgverlener.
· Verbeterde kwaliteit van zorg: de familie verwoordt feiten, meningen, ervaringen, wensen en gevoelens van de cliënt, die nog niet de eigen regievoering heeft, op positieve en assertieve wijze.
· De draagkracht van familie is in beeld: de familie verwoordt eigen gevoelens en wensen op positief assertieve wijze.
· De rol van de familie bij de maatschappelijke participatie van de cliënt is helder en wordt erkend door de zorgverlener.
· De posities in de triade zijn verhelderd in het individuele zorgproces en de rol van de familie is versterkt.
· De informatiedrempels voor overleg en afstemming tussen familie en zorgverleners zijn verlaagd: Familie en zorgverleners informeren elkaar tussentijds en structureel.
· De familie en zorgverleners zijn meer tevreden over de kwaliteit van de communicatie.
· De opbouw van dit project is beschreven en verspreid onder andere sectoren van zorg (VG zorg, verslavingszorg, jeugdzorg, etc.).
· Het project is uitgevoerd in 5 instellingen met 100 familieleden en 30 hulpverleners.
Samen met hulpverleners (intra- en extra muraal) wordt het zorgproces (van diagnose tot ontslag en thuissituatie) besproken en geoefend in spelvorm, met steeds daarin de rol, verwachtingen en
meerwaarde van de familie. Communicatieve vaardigheden worden geoefend met casuïstiek en in de praktijk. De familieraad draagt zorg voor structurele afspraken binnen de zorginstelling voor de rol van de familie in het zorgproces en de ondersteuning voor deze mantelzorgers door de zorgaanbieder.
De doelstelling van het project
Verbeteren van de kwaliteit van de zorg door middel van het versterken van de positie en meerwaarde van de familie(raden) en door de versterking van open communicatie tussen belanghebbenden in de triade.
De aanleiding voor dit project
Het opstellen en uitvoeren van familiebeleid blijkt in veel GGz instellingen nog moeizaam van de grond te komen. Omdat familieraden geen wettelijke basis hebben, is het moeilijk om invloed
uit te oefenen. Familieraden hebben aangegeven dat zij gerichte ondersteuning en training nodig hebben om het familiebeleid samen met de GGz instelling op te stellen en tot uitvoering te brengen in de dagelijkse praktijk (SLKF training voor Familieraden, november 2008).
Communicatie en bejegening blijken moeilijk grijpbare aspecten van familiebeleid te zijn volgens:
· Het rapport : "Familiebeleid in de zorg" NIZW december 2006 waarin aangegeven wordt dat in de opleiding en na- en bijscholing van medewerkers in de zorg doorgaans nog weinig aandacht voor de wensen en behoeften van familieleden is. In dat licht bezien is het begrijpelijk dat communicatie tussen hulpverleners en familieleden niet altijd optimaal verloopt.
· In december 2008 wordt het geactualiseerde HKZ certificatieschema voor de GGz vastgesteld. Nieuw is dat de modelregeling 'Betrokken Omgeving' hierin een prominente plaats zal krijgen. In deze regeling zijn de omgangsregels vastgelegd tussen zorgaanbieders en de familie van de cliënt.
· Negatieve ervaringen van familieleden en de vele frustraties die daarmee gepaard gaan bemoeilijken de rol van mantelzorger in ernstige mate.
Doelgroep(en)
Het project richt zich op de familieraden/familie/belangenbehartigers van cliënten in de GGZ en de zorgaanbieders en professionals. Zij worden op meerdere wijzen en momenten bij de opzet en uitvoering van het project betrokken:
· bij de ontwikkeling van projectideeën (SLKF contactendag familieraden /september 2008, interviews met voorzitters van familieraden en vertegenwoordiger van GGz instelling, SLKF training /november 2008, familieleden van cliënten).
· bij de vaststelling van deze projectaanvraag (SLKF bestuur, raadpleging aangesloten familieraden / december 2008).
· bij het HKZ onderzoek.
· bij de analyse van de resultaten.
· bij de opzet van het plan van aanpak en maatwerk per organisatie/instelling.
· vanzelfsprekend in de uitvoering.
· bij beleidsaanbevelingen in de organisatie/instelling.
· evaluatie van het project.
Effect van het project op de doelgroep(en)
Kwantitatief is het project geslaagd als het in 5 instellingen is uitgevoerd met familieraden/familie en zorgverleners. Kwalitatief is het project geslaagd als familie zich gehoord en geholpen weet en de inbreng van familie een aantoonbare plaats heeft in de zorgverlening van de instelling (bijvoorbeeld in familiebeleid, protocollen, de instelling van een familieraad of betrokken is/wordt bij zorg-behandel-begeleidingsplannen, gezamenlijke, jaarlijkse doelstellingen). Daarbij zien de zorgaanbieder en de professionals de betrokkenheid van de familie als een kwaliteitsverbetering en welkome aanvulling op de professionele zorg.
Familie- en zorgverlener gaan elkaar gemakkelijker bellen en mailen (toename van informele contacten). De drempel is aanzienlijk verlaagd, er is sprake van een bondgenootschap en de
communicatie is verbeterd.
Effecten voor anderen dan de doelgroep
Er zijn ook effecten te verwachten voor anderen dan de doelgroep van dit project, te weten:
· De Raad van Bestuur krijgt bottom-up adviezen en informatie van de familieraad. Een krachtige familieraad heeft immers een meerwaarde voor de RvB.
· Zorgverleners ervaren minder drempels naar familie toe en weten hun bijdrage in de mantelzorg goed in te zetten in de zorg en begeleiding van de cliënt. Zo zijn zij in staat nog professioneler en met meer plezier te werken. Dit heeft dan weer een positief effect op de kwaliteit van zorg.
· In andere sectoren dan de GGZ is transfer mogelijk.
Projectorganisatie
De projectorganisatie bestaat uit:
· een projectleider: De projectleider is verantwoordelijk voor het maken van een plan van aanpak en vervolgens de uitvoering daarvan; dit onder supervisie van de stuurgroep.
· een stuurgroep: De stuurgroep bestaat uit een aantal SLKF bestuursleden, vertegenwoordiger(s) vanuit Ypsilon, Labyrint~in Perspectief en/of LSOVD, projectleider en vertegenwoordiger(s) van
familieraden.
· een klankbordgroep: In de klankbordgroep hebben zitting: familieraadsleden, cliënten, zorgverleners en vertegenwoordiger van de instelling . De klankbordgroep is verantwoordelijk voor het geven van goede adviezen en signalen en de uitvoering van projecttaken.
Het SLKF bestuur is eindverantwoordelijk voor het gehele project. De door het bestuur benoemde stuurgroep is bevoegd om op cruciale momenten (zie plan van aanpak) het signaal 'go' of 'no go' te geven.
Samenwerking
Het ligt voor de hand dat er in dit project samengewerkt wordt met andere GGZ-gerelateerde
organisaties. De samenwerking via het netwerk, als lid van het Landelijk Platform GGz en door lidmaatschap van andere familieorganisaties op individuele basis, is al aanwezig. Verder is Ypsilon in het SLKF bestuur vertegenwoordigd door 1 bestuurslid. Dit bestuurslid neemt ook zitting in de stuurgroep.
Daar waar het ook praktisch kan, zal er dus samengewerkt worden op een kostenneutrale wijze (via vrijwilligers). Verder hebben de familieraden hun reguliere contacten met de Raad van Bestuur van hun instelling.
Kansen voor het project
Door de vermaatschappelijking van de geestelijke gezondheidszorg (GGZ) wonen steeds meer cliënten thuis waar zij ambulante hulp krijgen. Thuis wonen is vaak alleen mogelijk als familie als eerste vangnet fungeert.
Het triade model vindt in zorgorganisaties steeds meer erkenning. De modelregeling in de GGz: "Betrokken omgeving" geeft handvatten voor de familieraden. Het is duidelijk dat de rol
van de familie volop in beweging is. Deze ontwikkelingen vergroten de kans op een
positieve ontvangst van het project bij de GGZ instellingen en deelname van partners.
In december 2008 wordt het geactualiseerde HKZ-certificatieschema voor de GGz vastgesteld. De modelregeling "Betrokken Omgeving" krijgt hierin een prominente plaats.
Risico’s die de voortgang van het project nadelig kunnen beïnvloeden
Een mogelijk risico ligt bij de actieve deelname van familie en familieraden. Deelname komt boven op de zorgen die zij hebben, de mantelzorg die zij verlenen en het vrijwilligerswerk in de familieraad. Het is aan te bevelen om juist ook familieleden van cliënten (en niet alleen de familieraadsleden) te
betrekken bij het project.
Een ander risico zit bij de deelname van de zorgorganisaties/instellingen. De deelname van zorgverleners is natuurlijk ook cruciaal.
Affiniteit en commitment met het project moet eerst verworven worden. Bij het op maat maken van de projectopzet is dan ook oog voor het belang van de organisatie/instelling en van de zorgverleners. Zowel de familieraad als de zorgaanbieder wordt van het begin af aan betrokken bij het project.
Communicatie
Het project wordt landelijk gecommuniceerd via de SLKF Nieuwsbrief, de website en het bestuur. De jaarlijkse landelijke dag voor familieraden wordt gebruikt voor mondelinge communicatie over de (tussentijdse) projectresultaten. Lokaal zijn het de familieraden die de familie in de organisatie/instelling op de hoogte houden van ontwikkelingen en resultaten. Communicatie over het project naar andere PGO organisaties vindt plaats via het LPGGz en het overleg met zusterfamilieorganisaties.
Implementatie van de resultaten
De producten (familiebeleid, kwaliteitstoetsing, trainingsmodules, etc.) van het project worden
aan het eind van het project uitgereikt aan de familieraden en er worden adviezen gegeven aan de familieraden voor de implementatie in hun instelling. Deze bespreekt de producten en adviezen met de RvB en op basis hiervan worden vervolgstappen afgesproken (o.a. verspreiden van de resultaten, producten en adviezen die leiden tot aanpassen van communicatiebeleid van de instelling, aanpassen/opstellen van protocollen, etc). Deze implementatie wordt door de SLKF en de zorgaanbieders ondersteund.
Plan van aanpak
Het project wordt uitgevoerd in een aantal fasen. Doel hiervan is zowel de structuur als de samenwerking met de partners zo goed mogelijk in te bedden en risico's zo veel mogelijk uit te sluiten.
Betrekken van de achterban en de partners is belangrijk om het einddoel te bereiken. De vijf projectfasen zijn:
1. Oriëntatiefase
2. Definitiefase
3. Uitvoeringsfase
4. Evaluatiefase
5. Borgingsfase
Per fase wordt hieronder globaal aangegeven wat de activiteiten zijn en doelen/producten zijn die gerealiseerd moeten worden.
In het project is gekozen voor draagvlak door actieve betrokkenheid van verschillende organisaties van familie, cliënten en zorginstellingen. De keuze voor een externe projectleider is gebaseerd op de
complexiteit van de inhoud en de vele belangen en inzichten van partners. Dit vergt een professionele projectleider.
1. Oriëntatiefase – juli – december 2009:
· aantrekken projectleider
· inventarisatie van bereidheid van familieraden tot deelname aan project/klankbordgroep
· rondgang langs zorgaanbieders: commitment en meedoen peilen
· vaststellen op te leveren producten
2. Definitiefase – januari – mei 2010:
· concreet en eenduidig formuleren van de doelstellingen en te behalen projectresultaten/ te leveren producten
· succes- en faalfactoren zijn beschreven
· antwoord op de vraag hoe het projectresultaat getoetst wordt
· instellen van stuurgroep
· benaderen geïnteresseerden voor klankbordgroep
· plan van aanpak maken inclusief verantwoording, rapportage en communicatie en informatie
Ontwerpfase – juni – juli 2010:
· Plan van aanpak is beschreven en geaccepteerd door de stuurgroep
· Draaiboek voor de deelnemende familieraden en zorgaanbieders
Voorbereidingsfase – september – december 2010:
· Vaststellen van de vijf deelnemende familieraden en vijf zorgaanbieders
· Opmaken van de stand van zaken ten aanzien van de HKZ normering in de vijf instellingen
· Communicatie over plan van aanpak naar de participerende projectpartners en de achterban
3. Uitvoeringsfase – januari – december 2011:
· uitvoering van het projectplan met vijf familieraden en vijf zorgaanbieders, gericht op:
· beleidsontwikkelingen
· gedragsontwikkelingen van familieraden en zorgaanbieders
· cultuurontwikkelingen: de familie als bondgenoot
· ontwikkelen communicatievaardigheden
· betrekken van familie- en cliënten(organisaties)
4. Evaluatiefase – januari – juli 2012:
· evalueren van de projectresultaten in de vijf deelnemende instellingen in termen van beleids-, gedrags- en cultuurontwikkelingen en aanleren communicatievaardigheden
· plan voor implementatie met andere familieraden en zorgaanbieders
5. Borgingfase – juli – december 2012:
· standaardiseren van het plan van aanpak en beschrijven van de implementatie: handleiding voor familiebeleid, communicatie en betrokkenheid familie in de zorg
· conferentie voor familieraden, zorgaanbieders, professionals, zusterorganisaties van het LPGGz en belangstellende familieleden en cliënten
De betekenis van dit project voor de SLKF
Met dit project is de visie op de rol van familie als volwaardig gesprekspartner in de GGZ zorg meer werkelijkheid geworden. Die rol is ook belangrijk om de belangen van verwanten (mede) te behartigen. Familieparticipatie is een belangrijke reden van bestaan voor de SLKF.
|